Landhaus Lehmkuhl in Bremen

Via geni.com ben ik in contact gekomen met een achterneef (nakomeling van een halfzus van overgrootvader Carl Hugenholtz (1874-1952)). Na hun scheiding heeft mijn grootmoeder Rose Hugenholtz-Lehmkuhl (1905-1992) het contact met haar vader, en voor zover bekend ook met de rest van de familie van haar vader, verbroken. Van deze achterneef kreeg ik een foto van „Landhaus Lehmkuhl” Mijn betovergrootvader Johann Lehmkuhl (1847-1916) en zijn tweede echtgenote staan in de deuropening. De anderen zijn waarschijnlijk ook familie. Verdere gegevens ontbreken.

landhaus lehmkuhl

Boek: "In het puin van het getto"

In maart 2013 werd ik benaderd door twee journalisten: Helma Coolman en Pauline Broekema. Ze deden onderzoek naar het vrij onbekende kamp Warschau, dat gebouwd was op de puinhopen van het totaal vernietigde getto van Warschau. Ze waren op zoek naar informatie over mensen die in dat kamp gezeten hadden. Tot hun verbazing kwamen ze op mijn website terecht: ik bleek op 15 minuten afstand te wonen. Ze hadden op mijn website informatie gevonden over Willy Leeuwarden en ze waren erg benieuwd of ik toevallig nog meer informatie over hem had en wellicht in het bijzonder over de periode in Warschau. Deze informatie was totaal nieuw voor mij, maar ik herinnerde mij wel dat mijn oma Rose Hugenholtz-Lehmkuhl ooit verteld had dat ze een neef had gehad, die in de oorlog in Warschau had gezeten. Ik had dit nooit kunnen plaatsen. 
Ik kon de journalisten vertellen dat het toeval wilde dat ik samen met mijn nicht Rosita Steenbeek de week er op zou afreizen naar Noord-Duitsland, en dat we een bezoek zouden brengen aan Motek Leeuwarden, de zoon van Willy. In een vorig bezoek had hij mij een stukje van een videoband laten zien,  waarop zijn vader door een journalist is geïnterviewd. Het was een van de weinige dingen die Motek van zijn vader had en het was hem heel dierbaar. 
Tijdens ons bezoek aan Motek bleek hij van harte bereid te zijn om de video te laten digitaliseren en ter beschikking te stellen van de beide journalisten. 
In het interview beschrijft Willy Leeuwarden, gedurende 6 uur) zijn levensverhaal, hoe hij in 1938 naar Nederland vluchtte vanwege de nazi-terreur en uiteindelijk de grens is overgezet. Direct opgepakt en vanaf toen tot en met de bevrijding in 1945 in een onwaarschijnlijk groot aantal kampen te hebben doorgebracht: Flossenburg, Dachau, Auschwitz, maar ook Warschau. Het is een mirakel dat hij -7 jaar in concentratiekampen- de oorlog overleefd heeft.
De informatie is verwerkt in het boek dat over hun onderzoek is verschenen. Het boek is gepresenteerd in voormalig kamp Westerbork.  
www.kampwesterbork.nl/museum/tentoonstellingen/tijdelijke-tentoonstelling/inhetpuinvanhetgetto/index.html#/index
Onderstaande tekst is overgenomen van deze website:
Enkele honderden Nederlandse Joden zijn tijdens de Tweede Wereldoorlog via Westerbork en Auschwitz tewerkgesteld als dwangarbeiders in een kamp in Warschau, samen met enkele duizenden anderen van verschillende nationaliteiten. De leefomstandigheden waren er buitengewoon slecht. De gevangenen moesten het puin van het verwoeste getto ruimen, omdat de Duitse bezetter het gebied in het hart van Warschau wilde ombouwen tot een Volkspark. Slechts enkele tientallen Nederlanders hebben dit kamp overleefd. Op basis van ooggetuigenverslagen en historische bronnen verschijnt bij uitgeverij Boom een boek over dit relatief onbekende kamp: ‘In het puin van het getto’, van Pauline Broekema en Helma Coolman. Ter gelegenheid van de verschijning van het boek stelde Herinneringscentrum Kamp Westerbork een expositie samen over dit kamp. 
Het getto van Warschau ontstond in 1940, toen de Duitse bezetter alle Joodse inwoners van de Poolse hoofdstad samendreef in een gebied van enkele vierkante kilometers, waar sinds eeuwen de Joodse wijk was gevestigd. Niet veel later werd die wijk ommuurd en afgesloten van de rest van de stad. Kort daarna werden de Joodse bewoners gedeporteerd naar werk- of vernietigingskampen elders in Oost-Europa. 
Groeiend en moedig verzet culmineerde op 19 april 1943 in de grote opstand, waarbij gewapende joden de aanval openden op de Duitse bezettingsmacht. Hoewel zij zich hardnekkig verdedigden waren de Joden niet opgewassen tegen de overmacht van de nazi’s en op 16 mei  was het verzet gebroken. Het getto lag in puin en de overgebleven Joodse inwoners werden overgebracht naar het vernietigingskamp Treblinka.
KZ Warschau: Om elke herinnering aan deze episode uit te wissen besloot de leiding in Berlijn dat het puin van het vernietigde getto moest worden opgeruimd.  Daartoe werden medio 1943 enkele duizenden Joden uit Auschwitz naar Warschau gedeporteerd. Met blote handen, beperkte hulpmiddelen en zonder veiligheidsvoorzieningen moesten de gevangenen gebouwen strippen, muren slechten, puin ruimen en stenen van cement ontdoen. In het maandlandschap dat het voormalige getto was geworden troffen de dwangarbeiders tijdens hun werkzaamheden soms lijken, maar ook onderduikers, die de opstand in kelders en bunkers hadden overleefd. Ze werden door de bewakers ter plekke doodgeschoten. Een tyfusepidemie in combinatie met de erbarmelijke leefomstandigheden dunden de kampbevolking dramatisch uit. Ook een onbekend aantal Nederlandse Joden stierf in deze periode.  Gegevens over de gevangenen in het werkkamp ontbreken omdat bij de nadering van de Russische bevrijders de volledige administratie werd vernietigd. In augustus 1944 werden de gevangen op een dodenmars richting Duitsland gevoerd. Bij de Poolse grens ging de reis verder in goederenwagens naar  Zuid-Duitsland. In bijkampen van Dachau haalde maar een zeer gering aantal Nederlandse gevangenen de bevrijding. 
De tentoonstelling: "In het puin van het getto" is te zien tot en met eind maart 2014.  Het gelijknamige boek In het puin van het getto van Pauline Broekema en Helma Coolman is verkrijgbaar in de boekenwinkel van het Herinneringscentrum Kamp Westerbork. 
9789089531360

Graf van mijn overgrootmoeder Gretchen Leeuwarden teruggevonden

Ik heb altijd begrepen dat het graf van mijn overgrootmoeder Gretchen Lehmkuhl-Leeuwarden geruimd zou zijn. Bij toeval stuitte ik op de website van het kerkhof van de gemeente Nijkerk en heb ik per mail een paar korte vragen gesteld over mijn overgrootmoeder. Tot mijn grote verbazing kreeg ik te horen dat het graf volledig intact was. Het was niet geruimd. Het bijzondere was wel dat er nooit een grafsteen op het graf is geplaatst. Ik heb direct mijn tante Margreth Steenbeek-Hugenholtz gebeld en nog diezelfde avond zijn we naar Nijkerk gegaan. Op de aangegeven plaats vonden we het graf terug. En inderdaad… zonder steen… Omdat we toch in de buurt waren, hebben we aansluitend een kort bezoek gebracht aan de pastorie in Nijkerkerveen waar mijn grootvader van 1949-1955 predikant was en hebben we geposeerd bij het bordje bij de dominee Hugenholtzstraat (vernoemt naar opa). We werden aangesproken door de bewoners van nummer 1. Bij deze aardige mensen koffie gedronken en een heleboel informatie gekregen over het Nijkerkerveen van toen. 
IMG_1707

Reis met Rosita naar Noord-Duitsland

Op zoek naar de sporen van oma Rose in Noord-Duitsland
Vroeg in de ochtend heb ik mijn nicht Rosita Steenbeek vroeg opgehaald in Amersfoort en gingen we op weg naar Aurich. Hier gingen we op bezoek bij Henry Heger (geb. 1930). Zijn grootvader Nathan was getrouwd met Mathilde Leeuwarden, de lievelingstante van onze oma. Een bizarre geschiedenis: De zoon van Nathan was een van de oprichters van de SS in Noord-West Duitsland, terwijl Nathan half-Joods was. Over deze geschiedenis is meer te lezen op mijn website in „echtpaar Heger-Leeuwarden”. 
Vanuit Aurich was het 2,5 uur rijden naar Hotel Michaelis Hof in Hamburg). Aansluitend gegeten en gedronken in een restaurant in de Altserarkaden. Deze zag er redelijk oud uit. Oma heeft ooit een kaart hiervandaan gestuurd. Mooi oud restant van vooroorlogs Hamburg.
De volgende ochtend was het vreselijk koud en hebben we de oude binnenstad bezocht met het oude
Lees meer...